amerigo
boeken over kunst & cultuur en reis boeken
Dostojewski

Fjodor Michailowitsj Dostojewski

Fjodor Michailowitsj Dostojewski [1821-1881] bezocht vanaf 1838 de militaire ingenieursschool in Petersburg. In 1843 kwam hij in vaste dienst bij het Petersburgse ingenieurscommando als medewerker in de tekenkamer. Hij vertaalde in die tijd Balzac en Sand en begon, na zijn ontslag een jaar later, te werken aan zijn eerste roman »Arme mensen«.

Dostojewski bezocht de bijeenkomsten van de Petrasjevskigroep, waarvan de leden pleitten voor afschaffing van de lijfeigenschap. Een tsaristisch agent was bij één van de vergaderingen aanwezig : op 23 april 1849 werd Dostojewski met enkele anderen gearresteerd.

Staande voor het vuurpeloton werd hem op het laatste moment gratie verleend. Wel werd hij veroordeeld tot vier jaar dwangarbeid in Siberië, met aansluitend een aantal jaren ballingschap.

Gedurende de jaren in Siberië oriënteerde Dostojewski zich op het christendom. Na zijn dwangarbeid moest hij dienst nemen als soldaat; hij schreef een ode aan de vrouw van de pas gestorven tsaar Nicolaas I en werd daarop bevorderd tot onderofficier.

In 1857 trouwde hij in zijn ballingsoord Semipalatinsk met Maria Isajewa. In april 1858 werd hij op medische gronden uit de dienst ontslagen en keerde hij terug naar Twer in West-Rusland. Pas eind 1859 kreeg hij toestemming zich wederom in Petersburg te vestigen.

In september 1859 werd in De Russische Wereld de eerste aflevering gepubliceerd van »Aantekeningen uit liet dodenhuis«, gebaseerd op zijn dwangarbeiderstijd. In april 1864 overleden zijn vrouw en zijn broer. Hij nam de verantwoordelijkheid voor de schulden van zijn broer en de zorg van diens gezin op zich.

Geplaagd door geldzorgen sloot hij in 1865 een »wurgcontract« met de speculant/uitgever Stellowski waarin bepaald was dat, indien hij niet vóór 1 november 1866 een roman zou inleveren, het Stellowski vrij stond om negen jaar lang gratis en naar eigen goeddunken alles uit te geven wat hij maar zou schrijven, zonder enige honorering.

Deze roman werd »De speler«. In 1866 publiceerde »De Russische Bode« in afleveringen Dostojewski's eerste grote roman »Misdaad en straf«. Begin 1867 huwde Dostojewski de 25 jaar jongere Anna Snitkina, die voor hem als steno-typiste werkte. Daarop vertrok hij in april naar het buitenland om schuldeisers te ontlopen.

Tijdens deze buitenlandse periode schreef hij »De idioot«, De eeuwige echtgenoot en het grootste deel van »Boze geesten«. In juli 1871 keerde hij terug naar Petersburg.

Na publicatie van »De jongeling« in 1875 onderbrak hij in 1878 de publicatie van zijn »Dagboek van een schrijver« in »De Russische Bode« omdat hij zich volledig wilde concentreren op »De gebroeders Karamazow«. Dit werk wordt algemeen gezien als zijn chef d'oeuvre.

Uit de vele brieven die hij schreef, is een keuze opgenomen in deel elf van zijn verzamelde werken. Tijdens de laatste jaren van zijn leven verwierf hij roem als redenaar: zijn toespraak bij de onthulling van het Poesjkin-standbeeld te Moskou leidde tot grote emoties: studenten vielen flauw, vrouwen omhelsden hem, vijanden verzoenden zich wenend, de kranten stonden er vol van.

Op 28 januari 1881 stierf hij aan een longbloeding. Zijn begrafenis werd een nationale gebeurtenis.
Dostojewski verzamelde werken
Erwin Nas - kunst, cultuur & reizen - amerigo, 2017